DE BUITENMOLEN IN DE 19e EEUW.

Op 28 mei 1804 wordt in Zevenaar Jacobus van der Grinten geboren. Zijn vader Martinus van der Grinten overlijdt op 15 maart 1814. De Kleefse enclaves worden in 1816 definitief  Nederlands grondgebied. De Buiten- en De Binnenmolen worden nu eigendom van het Nederlandse Domeinbestuur. In 1865 krijgt Jacobus van der Grinten de molens in eigendom. Nog in het zelfde jaar worden ze door hem te huur aangeboden voor een periode van 6 jaar. Jacobus van der Grinten is behalve molenaar ook een tijdlang wethouder en locoburgemeester van Zevenaar. Op 2 april 1879 overlijdt Jacobus van der Grinten en komt er een einde aan de band van deze molenaarsfamilie met de Zevenaarse molens. Een tijdperk waarin veel is veranderd.

 

Zevenaar, den 1 Junij 1816.

Rechts het molenaarshuis van De Binnenmolen aan de Grietsestraat in Zevenaar waar in de 19de eeuw Jacobus van der Grinten met zijn vrouw en zeven dochters woonde.

Maria Bernardina van der Grinten geboren op 21 augustus 1832 in Zevenaar, dochter van Jacobus van der Grinten en Joanna ter Laak. Zij trouwt op 14 november 1859 in Zevenaar met Jacobus Everardus ter Laak sinds 1843 pachter en vanaf 1873 eigenaar van de Grafelijke Berghse korenmolen in Didam.

De Arnhemsche courant 18-10-1865.

Logement het Hof van Berlijn Zevenaar.

De Tijd 7-4-1879.

In 1870 en nogmaals in 1878 wordt De Buitenmolen te koop aangeboden met advertenties in diverse kranten, waarna uiteindelijk Johannes Gerretsen knecht op De Buitenmolen de nieuwe eigenaar wordt. Omdat Johannes besluit met zijn gezin naar Amerika te emigreren wordt De Buitenmolen in 1884 wederom te koop aangeboden. Nu wordt zijn broer Antonius Theodorus Gerretsen de nieuwe eigenaar. Omdat hij geen molenaar is zal er 20 jaar lang een knecht op de molen malen. Zijn zoon Antonius Albertus Gerretsen wordt uiteindelijk de laatste windmolenaar op De Buitenmolen.

De Tijd 23-12-1870. De Buitenmolen heeft in 1870 al een gietijzeren as. 

De Arnhemsche courant 8-2-1878.

De Arnhemsche courant 24-11-1884.

Graf van notaris Frans Karel Jan Pliester op de hervormde begraafplaats aan de Babberichseweg in Zevenaar.